Home Customize Instructions Contact Category 5 Category 6 Category 7   Home Search Contact Us
 
Veel gestelde vragen Ervaringsverhalen   GeschiedenisPers
 


Koorddanser

Baarnsche Courant

Gay News 

COC utrecht 

Intermediair  
Mannenkrant
Gaykrant

Groninger Courant
Culture & Camp

 

 

Steek je innerlijk vuur aan en houd het brandend!

 

Wil je op de hoogte blijven van onze activiteiten. Vul dan hier je naam en mail adres in en je ontvangt maandelijks onze nieuwsbrief.

 

 


Mailinglist

 

    

 

 

in uit

 

      

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Mannenwerk in de Gaykrant

juli 2009

In de jaren zeventig kwamen ze als paddestoelen uit de grond. Vrouwengroepen, al dan niet op de feministische leest geschoeid. De mannelijke tegenhanger, Mannenwerk, klopte nog net voor het verstrijken van het decennium aan. Maar waarom bestaat het nog steeds? Bieden internet en desnoods een aparte televisiezender voor zo ongeveer elke subcultuur niet genoeg voor de zoekende man in van tegenwoordig? Hendrik Grashuis, voorzitter van de Stichting Mannenwerk, vindt van niet.

Tekst  Joost Pool

Foto Geert van Tol

“Kneusjes?! Of op z’n minst: mannen die niet lekker in hun vel zitten. Dus zo zie je de mannen die zich bij ons aanmelden voor een workshop weekend of een serie avond supportgroepen?” Een tirade is het niet, maar Hendrik Grashuis wil graag ogenblikkelijk afrekenen met het vooroordeel dat als een donkere wolk boven Mannenwerk en andere mannen- of supportgroepen hangt. Maar is het idee van mannen (of vrouwen) in een groep, kaarsjes erbij, niet ontzettend achterhaald? “Het is eigenlijk nooit actueler geweest. Juist vanwege internet en digiboxen. De mens is er niet op gebouwd om een stortvloed aan informatie aan te kunnen. Teveel informatie stompt af. Er is geen tijd voor rust en bezinning. Altijd moet je bereikbaar zijn. Vroeger had je de clubcultuur, het verenigingsleven, de kerk. Dat brokkelt steeds meer af. Echte, diepe vriendschappen ontbreken soms. Mensen willen verdieping. De centrale vraag die wij ons in zo’n weekend stellen is: ‘Hoe vrij ben je echt?’ Homoseksuelen zijn nooit echt vrij geweest. Eeuwenlang zijn ze vervolgd, met als zwaarste sanctie de doodstraf.”

 

Maar jullie zijn er toch voor de homo-, bi- én heteroseksueel? “Dat klopt, maar ook in die volgorde. Hetero’s zijn bij ons in de minderheid. De gemiddelde deelnemer is rond de veertig en homo. Een enkeling is over de tachtig, een ander juist net de dertig gepasseerd. Sommigen nemen hun zoon mee. Er zijn er ook bij die tot voor kort een heteroleven leidden maar door een scheiding of het overlijden van hun partner op eigen benen zijn komen te staan en nu eindelijk voor hun geaardheid uit durven te komen.”

Een weekend duurt van vrijdagavond tot zondagmiddag en gemiddeld nemen er ongeveer twintig personen deel. Grashuis: “Je zou kunnen zeggen: twintig mannen is twintig workshops. Die workshops lopen allemaal door elkaar heen. Soms wil het toeval dat enkele deelnemers in hun jeugd seksueel zijn misbruikt. Dan gaat het weekend grotendeels daar over. Zoiets weet je van te voren niet. We hebben geen vragenlijsten die deelnemers vooraf, of achteraf, moeten invullen. Het enige waar we wel naar streven is voldoende diversiteit, vooral qua leeftijd. Heel sporadisch komt het voor dat iemand al op de eerste avond zijn biezen pakt. Maar meestal is iedereen na een uur of anderhalf redelijk gewend. Het gaat in het weekend om verdieping, bezinning. We beloven geen gouden bergen. Geen Amerikaanse toestanden hier.”

 

“Mannen leggen hier contact. Geestelijk contact met elkaar bedoel ik. Maar zelfs alleen maar zeggen: ‘Ik heb een diepe behoefte aan contact’ is al een manier van contact maken. Ook gebeurt het door middel van zingen en dansen, maar alles is vrijwillig. Je zit niet het hele weekend op elkaars lip. Soms is het al goed als iemand zegt dat hij het eng vindt om iets te zeggen.”

Wie zijn de mannen die zich aanmelden voor een weekend? Wat willen ze hier vinden, of thuis achterlaten? “De diepste verlangens van onze kandidaten? Dat verschilt. Sommigen zijn al blij als ze gedurende het weekend merken dat ze zich kunnen ontspannen temidden van een groep vreemde mannen. Anderen hopen antwoord te vinden op de vraag: ‘Moet ik verdergaan in mijn werk?’ Een enkeling verklaart onomwonden dat zijn diepste verlangen van het weekend het vinden van een relatie is. Niet zelden wordt zo’n wens beantwoord. Maar er ontstaan hier vooral veel vriendschappen. Die ondersteunen elkaar. Ze bellen of zoeken elkaar op als er iets is. Iedereen krijgt een kopie van de deelnemerslijst. Daar hoef je niet op vermeld te staan als je dat niet wilt. We hebben hier ook allemaal gewoon een achternaam. De ongeschreven regel is wel: ‘alles wat je hier hoort, laat je hier’. Bij foto’s ligt dat wat moeilijker. Deelnemers moeten toestemming vragen voor het maken van foto’s. Het komt geregeld voor dat mensen niet op de foto willen. Van de andere kant: genoeg cursisten vertellen hun collega’s of vrienden uit de kroeg dat ze een weekendje naar de Ardennen gaan en merken tijdens het weekend dat ze het iedereen kunnen aanraden. Bij terugkomst verhalen zij dus zeer enthousiast over het mannenweekend en moedigen anderen aan ook een keer te gaan.”

 

Toch ontgaat ons nog steeds het nut van zo’n mannenweekend. Onthaasten? We kunnen toch ook thuis de computer uitlaten en de telefoon van de haak? Desnoods afspreken met een goede vriend. En waarom in een groep? Een groep vreemden nog wel! “Je noemt het ‘praten’ of ‘babbelen over’. Ik noem het: de voortdurende uitnodiging om je uit te spreken over wat je ten diepste bezighoudt en beweegt. Spreken, in verbinding met hart, lichaam en ziel. Dat is die eigenaardige, eenvoudige maar krachtige stijl die Mannenwerk al jaren kenmerkt en onderscheidt van anderen. Zo borrelt de eigen wijsheid bijna als vanzelfsprekend op. We blijken ons op een dieper niveau met anderen te kunnen verbinden dan we voorheen dachten. En we blijken, soms tot onze eigen verrassing, over een natuurlijk zelfhelend vermogen te beschikken.”

 

interview door Rits de Wit in de Gaykrant Nr 397 12 november 1999

Met alle geduld van de wereld is hij bereid uit de doeken doen waar het in workshops van stichting Mannenwerk om draait. 'Maar het zou veel beter zijn als je gewoon een keer meedoet', is zijn overtuiging. En dat is misschien wel waar. De intensiteit en gedrevenheid die uit zijn ogen spreken als hij rept over zijn ervaringen met de stichting, zijn nauwelijks in taal te vatten. Aan het woord is een benijdenswaardige jongeman die zijn brood verdient als maatschappelijk werker homo-specifieke hulpverlening en (mede) zijn voldoening haalt uit zijn groeiende rol in Mannenwerk. Een fascinerend gesprek over mannen, mildheid, anonieme seks en verantwoordelijkheid met Walter van Ruitenbeek in diens riante appartement te Amsterdam.

 

'Uitersten kunnen prima naast elkaar bestaan'

 

Walter van Ruitenbeek bereidt zich voor op workshopleiderschap Stichting Mannenwerk

 

 

 

Even heeft Walter getwijfeld of het interview wel op het afgesproken tijdstip plaats moest vinden. Jan Huinder, sinds '91 als workshopleider aan de stichting verbonden en voornemens per 1 januari 2000 zijn taak aan Van Ruitenbeek over te dragen, is wegens ziekte verhinderd. Het lijkt alsof de gastheer het te prematuur vindt - of een te grote verantwoordelijkheid - om alleen, zonder zijn voorganger, het woord te voeren. Maar dat zit wel goed, zo blijkt uit een Nieuwsbrief van Mannenwerk die opengeslagen op tafel ligt. Een in het oog springende alinea citeert Huinder: "Ik verheug me erop het estafettestokje door te geven aan mijn opvolger. Ik wens hem wijsheid, durf en inspiratie. Indien nodig zal ik er voor hem zijn." Maar daar is nu geen sprake van. Walter beschikt over een grote dosis ervaringsdeskundigheid waar 't het Mannenwerk betreft. "Ik heb zelf als deelnemer kennis gemaakt met de workshops", herinnert hij zich. "Er is een periode geweest dat ik me keer op keer weer voor inschreef. Jaren later ben ik respectievelijk secretaris, penningmeester en medebegeleider geworden. Nu sta ik op het punt het leiderschap over te nemen." Maar het leiderschap waarvan? Waar hebben we het over? Wat gebeurt er bij de stichting Mannenwerk? Dat het zou gaan om een vaag gebeuren rondom onduidelijke, ondefinieerbare wazigheden, kan Van Ruitenbeek alles behalve beamen. "Het is niet zo moeilijk. Ik zal trachten het zo duidelijk mogelijk uit te leggen."

Emancipatie

Mannenwerk stamt uit de jaren zeventig. Jan Andreae, oprichter van het initiatief, was indertijd werkzaam bij de Volkshogeschool waar diverse activiteiten werden ontplooid in het kader van vrouwenemancipatie. Vrouwenwerk. In het kader van de (goed gesubsidieerde) emancipatieprojecten onstond de tegenhanger: het Mannenwerk. Nederland was rijp om daarmee aan de slag te gaan. Andreae organiseerde weekenden waarin mannen, hetero- bi- en homoseksueel, zich konden verzamelen om te praten over wat er binnen hun eigen mannenleven gebeurde. Het was van belang, dat ook mannen zich vrijmaakten. De opvatting was, dat emancipatie voorwaarde was voor persoonlijke groei. Mannenwerk bleek in een behoefte te voorzien. Groeide. Vijf jaar geleden werd de subsidiekraan dichtgedraaid. De activiteiten werden voortgezet in stichtingsvorm, waarvoor een duidelijke doelstelling diende te worden geformuleerd: inzet voor de groei van mannen in het algemeen en van homo- en bimannen in het bijzonder. Om dit te verwezelijken organiseert Mannenwerk workshops en creëert daarmee een plek 'waar mannen samen kunnen komen om elkaar te inspireren, te ondersteunen en te stimuleren in de zoektocht naar kwaliteit van leven.' Maar nu concreet. Van Ruitenbeek: "Ok‚ Mannenwerk is een stichting die weekendworkshops organiseert. Zo'n zes per jaar. Over het algemeen nemen zo'n dertig mannen deel, die in leeftijd varieren tussen de 25 en de 70. Met totaal verschillende achtergronden. Wat de mannen gemeen hebben, is hun belangstelling voor het bezigzijn met hun innerlijke groei, hun ontwikkeling als mens. Als man. Ze zijn in meer of mindere mate bereid naar zichzelf en anderen te kijken."

De workshops zijn herkenbaar aan een vast stramien. Ze vinden doorgaans plaats in vormingscentrum De Glind bij Amersfoort waar de groep van vrijdagavond tot zondagmiddag bijeen is. Er zijn activiteiten in de grote groep, in subgroepjes van zes tot acht mannen en in tweetallen. "Al deze werkvormen hebben een eigen, vast karakter. Iedere workshop weer. De grote groep wordt geleid door de algemene workshopleider, nu Jan Huinder. Na de jaarwisseling wordt dat mijn taak. In deze groep worden thema's besproken, die te maken hebben met het nemen van verantwoordelijkheid. Met persoonlijk leiderschap. Wat is je aandeel in de manier waarop je functioneert? Wat voor mechanismes treden in werking in jouw relatie tot anderen? Hoe krijg je de macht (terug) over je eigen leven? Iedere deelnemer vertelt zijn eigen verhaal. Over zijn man-zijn, bijvoorbeeld. Mannelijkheidscoderingen komen aan de orde. Hoe dien je je als man te gedragen? Hoe ervaar je dat? Sommige mannen reppen voor het eerst over bepaalde emoties en ervaringen. Tranen vloeien dan ook regelmatig. En gelachen wordt er ook veel. Belangrijk is, dat alle ervaringen naast elkaar mogen bestaan. Welles-nietes-situaties worden afgekapt. Discussiëren is niet de bedoeling. Hoewel de neiging daartoe nogal eens groot is. Daar ligt een taak voor de leider. Sturen. Ontlokken. Maar niet forceren." De kleine groepen worden gecoached door zes of zeven medebegeleiders en staan in het teken van bewustzijnstraining. "Deze clusters worden in principe willekeurig ingedeeld. Door ons. Hooguit wordt gekeken naar een redelijk evenwicht in leeftijd en bekendheid met het fenomeen Mannenwerk - sommige mannen zie je elke workshop weer terug! De training is sterk gestructureerd en heeft een wetenschappelijke theorie als uitgangspunt. Het aanwezigheidscounselen. De deelnemers vormen een kring en spreken uit wat er in hen omgaat. Ze geven, zodra ze zich daartoe geroepen voelen - zo niet, dan niet -, uiting aan drie aspecten van hun waarneming van dat moment. Denken, voelen - lichamelijk en emotioneel - en oordelen.