In
het mannenwerk magazine aandacht voor bemoediging, kracht, inspiratie en
bezieling.
Behalve nieuws over
onze activiteiten, schrijven gasten, collega's, deelnemers, en een paar vaste
medewerkers regelmatig
teksten in de geest van wat het mannenwerk uitdraagt.
Het
Mannenwerk Magazine in full colour
is verschenen in een geprinte
versie. Dit is een eenmalige uitgave in 2012.
Donateurs
in 2012 van Stichting Mannenwerk krijgen dit magazine gratis
thuis bezorgd.
Voor
25 euro
(of meer) ben je al donateur en ondersteun je financieel ons
werk. Wij gebruiken je bijdrage om bekendheid te geven aan het
mannenwerk door middel van internet, onze website, advertenties
in kranten en tijdschriften, mailings en flyers.
losse
verkoop €10,-
(+
€ 2,50 -verzendkosten)
Met
dit bedrag steun je mannenwerk
Steeds meer
mannen weten daardoor de weg te vinden naar het
mannenwerk. Met als doel: richting te geven aan je leven en
in meer vrijheid stappen te zetten. Om met hart en ziel te
kunnen doen wat jou in de wereld te doen staat!
Vul
hieronder het formulier in en je ontvangt het Mannenwerk
Magazine bij je thuis
Met
een advertentie op deze plek sponsor je het mannenwerk. Wil je
ook adverteren neem dan contact met ons op info@mannenwerk.nl
agenda
2011
De
Column van
Joan
de Roos
Sinds
1969 ben ik inwoner van Amsterdam en genieter van het gay
life aldaar. Vanaf het prille begin ben ik deelnemer geweest aan
weekenden, weken en groepen van het Mannenwerk. Dat is altijd een
belangrijke inspiratie en steun voor me geweest.
Vriendschap
Wat is vriendschap?
In
het afgelopen half jaar verloor ik drie vrienden. Eén aan het
leven en twee
aan de dood.
Voor
die periode had ik nooit zo lang en zo intensief nagedacht over de
vraag wat vriendschap nu eigenlijk is. Voor mij sprak vriendschap
vanzelf. “Vrienden heb ik gewoon”, dacht ik. Ik doeer leuke dingen mee, heb er goede of leuke gesprekken mee
en vooral ook: ik heb er veel plezier mee. Er zijn oude groepen
vrienden die ik al vanaf mijn school of studietijd ken, er zijn
bevriende (ex-)collega’
s en er
zijn vrienden die ik in het Mannenwerk heb leren kennen.
Maar
hoe ver gaan deze vriendschappen? Wat kan of moet ik betekenen
voor een vriend die uit het leven wil stappen. Waar liggen mijn
grenzen en waar liggen de zijne?
Wat
gebeurt er als ik verliefd word op een vriend, maar hij is dat
niet op mij? Waar liggen dan onze grenzen?
Wat
gebeurt er als een vriend plotseling door ziekte overlijdt. Ik ga
gewoon door met werken na de dagen van afscheid. Heb ik hem genoeg
geëerd als vriend?
Ik
heb op internet gezocht naar goede essays of woorden over
vriendschap. Ik kwam tot de ontdekking dat ik heel wat heb gehad
aan allerlei sites die handelen over verliefdheid en hoe je daar
mee om kunt gaan. Maar de inhoud van sites over vriendschap vielen
me tegen.
Er
zijn wel watuiterlijke kenmerken op te sommen en enkele trefwoorden toe
te kennen en er bestaan wel een paar abstracte artikelen en
publicaties over vriendschap.
Eén
van mijn conclusies na al het mediteren rond dit onderwerp is; ik
ben alleen, als zelfstandig persoon verantwoordelijk voor mijn
gevoelens en daden. Maar ik ben alleen zoals een ander ook alleen
is. Dat kan verbondenheid geven, maar ook afstand.
Omdat
ik alleen ben kan ik heel anders over vriendschappen denken en
voelen dan een ander. Zo geloof ik niet in allesomvattende
vriendschappen waarin je alles voor elkaar over hebt en alles voor
elkaar betekent. Zelfs niet in een liefdesrelatie. Er is een
gedicht van
Toon Hermans
dat dit suggereert: “Pas dan noem ik iemand een vriend als hij
voor me vecht en huilt etc.”.
Voor
mij zit in elke vriendschap een bepaalde kant van mezelf en een
kant van een ander. Met de één kan ik eindeloos humoristisch
zijn, met een ander kan ik verre wandelingen en fietstochten
maken, ik kan iemand helpen en heel iemand anders ondersteunt
juist mij.
Vrienden
zijn soms spiegels van je zelf: ze kunnen je duidelijk maken waar
je staat.
Na
alle verlies van het afgelopen half jaar overkwam me deze maand
iets heel prettigs.
Met
een man die ik twintig jaar niet gezien en gesproken hadheb ik via Facebook weer contact gelegd. We hebben elkaar
ontmoet en de vriendschap van destijds bleek nog sluimerend
aanwezig, we gingen door waar we waren gebleven.
Life
goes on!
Magazine juni - juli 2011
update 01-07-2011
In dit magazine
o.a.
Aandacht voor 'de aard van het mannenwerk'. Bevindingen door Peter
van der Weerd (student
aan de faculteit
Religiewetenschappen
aan de Radboud
Universiteit in Nijmegen), onze 3 kernvragen aan Peter
Rehwinkel (burgemeester Groningen) en Stef bos (zanger
/ tekstschrijver). Pappa, de eerste man in je leven! Verder een
beeld van hoop gezien door Peter Adelaar , aandacht voor
de film Howl en de nieuwe column van Joan de Roos
Hou dit magazine in de gaten. Regelmatig
zijn er updates!
Peter
van de Weerd:
'Voor
even niet anders'
Het
is lekker om me even schrijvend buiten de kaders van
de wetenschap te begeven, iets te zeggen over mijn
onderzoek vanuit een persoonlijk perspectief zonder
na te hoeven denken over ieder woord dat ik gebruik
en zonder verwijzingen naar autoriteiten op het
vakgebied van de religiewetenschappen, de invalshoek
van mijn scriptie.
Ik
wil allereerst iets vertellen over mijn fascinatie
met Mannenwerk. Binnen het onderzoek naar religie is
een ding duidelijk: traditionele vormen van religie
nemen in Westerse maatschappijen steeds verder af.
Dat wil zeggen mensen gaan minder naar de kerk of de
moskee. Daar staat tegenover dat uit hetzelfde
onderzoek blijkt dat een groot aantal mensen zegt
religieus of spiritueel te zijn. Wellicht is de
aloude uitspraak ‘geloven doe je in de kerk’
voor een deel van de bevolking niet meer van deze
tijd en moeten we voor een goed inzicht in het
fenomeen religie ook elders ons licht
opsteken.
Zo
kwam ik bijna een jaar geleden terecht bij
Mannenwerk, een organisatie die workshops verzorgd,
zich niet gebonden weet aan traditionele religie en
‘spiritualiteit met beide benen op de grond’
biedt. Een interessante casus voor onderzoek, immers
wat houdt die spiritualiteit precies in? Om deze
vraag te kunnen beantwoorden heb ik vanaf september
2010 aan alle activiteiten van Mannenwerk
deelgenomen en tevens interviews afgenomen met zowel
deelnemers als medewerkers. Een zeer boeiende en
leerzame tijd waarover ik in de aankomende tijd op
deze plek steeds een tipje van de sluier zal laten
oplichten. Hou dit magazine in de gaten!
“Als
homoman zichtbaar zijn en tot je dood aan toe zichtbaar
blijven! ”
Peter
Rehwinkel
Groningen mag zich
in 2011 Roze Stad noemen. Dit betekent dat Groningen in 2011 de Roze
Zaterdag zal organiseren en het hele jaar als Roze Stad activiteiten
kan programmeren. Een mooie aanleiding voor het mannenwerk magazine
om de burgemeester onze drie vragen voor te leggen.
“Ik denk dat je
als homoman altijd een voorbeeld moet vervullen voor anderen en
jezelf afvragen wat je aan verdere homo-emancipatie kan bijdragen.
Het is toch fantastisch dat wij in de gelegenheid zijn om ook een
burgerlijk huwelijk te sluiten. Ik heb daar, samen met anderen, voor
mogen vechten. Ik voel het zelf als een plicht om wat dat betreft
altijd mijn rol te vervullen. En nogmaals, ik stoor mij als ik
hooggeplaatste personen zie die op een gegeven moment in hun carrière
wegkruipen. In feite moet je wat mij betreft als homoman zichtbaar
zijn en tot je dood aan toe zichtbaar blijven!
Het is al weer
lang geleden dat Roze Zaterdag in Groningen gehouden is. Ik verheug
me er op. Wij willen laten zien dat in Groningen iedereen
verschillend is maar dat iedereen wel zichzelf kan zijn. Eens in de
zoveel tijd heb je ook als stad de plicht om dat onder de aandacht
te brengen. En dat gaan wij dit jaar weer doen. "
'Heteroseksuele
jongens vinden homo's een beetje eng.'
In 'Het Symposium' laat Plato de
komedieschrijver Aristofanes vertellen dat er oorspronkelijk
drie menselijke seksen waren: mannen, vrouwen en manwijven.
Toen ze te veel praatjes kregen, hakte Zeus ze allemaal in tweeën,
en sindsdien zoek de ene helft wanhopig naar de
andere.
Plato en Aristofanes hebben een sterke
voorkeur voor de mannelijke sekse. 'Zolang ze nog jongens
zijn houden ze, als stukjes van het mannelijke, van mannen
en vinden het heerlijk in een omstrengeling bij mannen te
liggen. Dat zijn de beste jongens omdat ze van nature het mannelijkst
zijn.' Kon je Plato in augustus maar vragen of hij de beste
jongens nu nog steeds het mannelijkst vindt, als hij vanaf
zijn hoge wolk de jaarlijkse gaypride in Amsterdam voorbij
ziet varen.
Laten we Gerry van der List nog eens
citeren, de columnist die in 1998 helemaal akelig werd van
al dat nichterige gedoe op die boten en in de Volkskrant
schreef:'Vanuit het oogpunt van de beschaving valt het
alleen maar toe te juichen dat de homo's, na hun Amsterdamse
orgie van sperma, het publieke domein weer overlaten aan de
burgerij en zich terugtrekken in hun darkrooms, waar ze zich
anoniem en ongestoord kunnen overgeven aan hun troosteloze
liefhebberijen. Opgeruimd staat netjes.'
Even goed vond ook het tolerante Nederland
homo's eeuwenlang maar griezels. Tussen 1730 en 1733 werd in
Nederland fanatiek jacht gemaakt op homoseksuelen, nadat een
bewaker van de domtoren in Utrecht twee mannen ontuchtige
handelingen had zien verrichten. Het gebied rond de Dom was
een populaire ontmoetingsplek voor homo's- daar komt het
scheldwoord Utrechtenaar vandaan. Toen bleek dat er
sprake was van betrokkenheid van mannen uit andere steden
begon de heksenjacht. Tientallen jongens en mannen werden
opgehangen, gewurgd of onthoofd.
In de 19e eeuw werd het woord 'homoseksueel'
bedacht, voor mannen die op mannen vielen. dat vrouwen ook
mooie dingen met elkaar deden, bleef lang geheim. Homo's
ontmoeten elkaar in het Haagse Bos of op het lange Voorhout,
of in kroegen als 't Mandje op de Amsterdamse Zeedijk, dat
strak werd geleid door de legendarische Bet van Beeren. Pas
in de Twintigste eeuw kwam de emancipatie van de homo
langzaam op gang, met de Zangeres zonder Naam, en Willeke
Alberti als beschermvrouwen, en Jos Brink als geruststellend
rolmodel.
Met
de openstelling van het burgerlijk huwelijk voor homo's en
lesbo's was de normalisering van de homo eindelijk een feit;
maar ook in 2011 bestaan er nog ambtenaren die het vertikte
een huwelijk tussen partners van het zelfde geslacht te
voltrekken.
Politie en antidiscriminatiebureaus
signaleren een toename van homofobe uitingen. Onder
Middelbare scholieren is homo- of biseksualiteit nauwelijks
een onderwerp van gesprek, bleek in 2010 uit het onderzoek
'Steeds gewoner, nooit gewoon' van het Sociaal en Cultureel
Planbureau. Heteroseksuele jongens vinden homo's een beetje
eng. je kunt beter maar niet bukken in hun bijzijn.
Toch is Nederland, meldt het SCP, nog altijd
koploper in homotolerantie, afgemeten aan opvattingen over
het homohuwelijk of adoptie van kinderen door homoparen.
Zweden, Denemarken en België komen meteen achter Nederland
aan; en in Oosteuropese landen en Turkije is de
homotolerantie het laagst.
(bron Volkskrant 18-06-2011)
Pappa
De
eerste man in je leven!
De
vorm van het woord 'Papa' is in veel talen ongeveer gelijk.
De Franse onderzoekers Pierre Bancel en Alain Matthey de
L'Etang die dit onderzochten meenden tevens
dat het woord 50.000 tot 100.000 jaar oud is.
De oorsprong van het
woord ligt vooral fonetisch, gezien de klank, net als bij mama,
een van de makkelijkst te maken klanken voor kleine
kinderen is. Daarom is mama of papa veelal het eerste
woord dat een kind kent. Volgens Don Ringe is het woord
samen met het woord mama mogelijk het eerste bewust
beleefde eigen geluid van baby's.
In het Maori betekent papa min of meer
"aarde".
(bron: Wikipedia)
Je vader is de eerste man in je leven. Of hij nu
aanwezig of afwezig was in je eerste jaren, jouw
herinnering aan hem bepaalt voor een groot deel jouw blik
op mannen. Van hem krijg je de eerste 'boodschappen' mee
over wat 'mannelijk' is. In het mannenwerk horen we soms verhalen over
afwezige vaders die altijd aan het werk waren om hun gezin
te onderhouden. 'Hij was er nooit!' horen we dan
vaak. Met terugwerkende kracht kunnen we nu zien dat
het harde werken van die vaders ook een uitdrukking van
liefde was.
Een monument voor onze vaders in de vorm van een lied
is 'Pappa' van Stef Bos.
In de veelgeroemde TV serie 'Op Volle Toeren'
met Ali B waren o.a. Stef en de rapper Negativ te zien. 'Zeg
je Stef Bos, dan zeg je ‘Papa’. Rapper Negativ is een
rapper met een 'slecht' verleden. Vroeger deed hij allerlei
verkeerde dingen, maar door de muziek en de geboorte van
zijn dochter heeft hij zijn leven radicaal omgegooid. Hij
rapt over dat omslagpunt in ‘Dingen Gedaan’. Stef kent
deze kant van de maatschappij helemaal niet, die staat
mijlenver van hem vandaan. Hij gaat met het nummer aan de
slag en probeert er zijn eigen draai aan te geven. Negativ
en Ali maken bewust samen een rap van het nummer
‘Papa’. Dat is best lastig voor ze, want ze hebben
alle twee geen contact meer met hun vader. Twee
persoonlijke dilemma’s en uiteenlopende werelden waarmee
de artiesten aan de slag gaan.'
We benaderden Stef met onze drie kernvragen
over kracht en bezieling:
Waar
haal je kracht en bezieling vandaan voor je dagelijkse
leven?
Uit
de lucht! Ik denk dat ik lucht moet inademen voordat ik
iets teweeg kan brengen. Het is iets vanzelfsprekends voor
mij. Als ik opsta is er levenslust, dat heb ik van mijn
moeder gekregen. Gelukkig doe ik iets waardoor ik me nooit
deze vraag hoef te stellen: Het is zalig om met muziek en
tekst bezig te zijn. Er is altijd wel een vonk waardoor de
bougie aanslaat, waardoor de bezieling er is.
Seksueel
misbruik heeft invloed op je leven, meer of minder dan je
denkt. Door hier meer zicht op te krijgen kun je er beheer
over nemen. Dit betekent dat het jou niet leidt,maar dat jij je leven leidt. In die zin is seksueel
misbruik een gegeven waaraan je veel kan beleven, en dan
niet alleen in negatieve zin. Het is algemeen geaccepteerd
dat seksueel misbruik niet had mogen gebeuren en dat is ook
waar. Maar het heeft plaats gevonden en NU gaat het erom wat
je er mee doet.
Als
het gaat over ervaringen met seksueel misbruik, hebben die
meestal in het verleden plaatsgevonden. In het verleden kun
je niets meer veranderen.Het is op zich belangrijk om met goede aandacht je
verhaal te kunnen vertellen. Echter, het steeds maar weer
opnieuw vertellen over wat er toen gebeurd is, kan na een
bepaalde tijd ook zelfbeschadigend werken. Zonder
dat je het beseft kun je blijven ronddraaien in het
verleden. Het leven speelt zich altijd af in het hier en
nu! De enige
manier om aan je verleden te werken is dan ook je
aanwezigheid in het hier en nu te vergroten.
We
nodigen je deze dag dan ook uit om aanwezig te zijn met
alles wat er is. Er is ruimte om je kenbaar te maken met
datgene wat voor jou belangrijk is rondom dit thema. Door je
licht hierover te laten schijnen maak je zichtbaar wat ooitgeheim gebied was.
Een
dag om contact te maken over alles wat jij rondom dit thema
tegenkomt in je dagelijks leven. Tijdens deze contactdag kan
je op speelse, krachtige en diepgaande wijze inzicht
krijgen.
De mannenwerkmanier van: klein en dichtbij, in het hier en
nu, je uitspreken, in contact met hoofd en hart, in het
besef dat
er andere mannen
zijn die met aandacht naar je kijken en luisteren, met
aandacht voor je persoonlijke geschiedenis, is een
uitstekende manier om bij dit thema stil te staan en weer
opnieuw in beweging te komen en je oorspronkelijkheid te
herontdekken!
Peter
Adelaar; Het lijkt deels zwartwit, of ik ermee in
photoshop bezig ben geweest, maar dat is niet zo.Deze foto heb ik gemaakt op
het terrein van een verlaten kolenmijn. Waar de natuur
zich aan 't hernemen was. En dat heeft iets
geruststellends: dat de verwoestingen die de mens in z'n
industriële ijver aanricht, niet permanent lijken te
zijn.Over
200 jaar zie je er niks meer van. Moeder aarde kan
uitstekend zonder ons.
'De man in de wereld
en
de wereld in de man'
Stichting
Mannenwerk vraagt met regelmaat verschillende mensen uit
allerlei geledingen van de samenleving, (politiek, kunst,
religie, etc.) om drie kernvragen te beantwoorden. Drie
vragen die het mannenwerk zichzelf als organisatie ook
regelmatig stelt en beantwoordt.
De
eerste vraag is er een naar je inspiratiebronnen, de
tweede vraag heeft betrekking op zelfonderzoek en een
analyse van de tijd en de wereld waarin we leven, de derde
kernvraag gaat over ons handelen in die wereld.
Arthur
Japin;
'Veel
mensen maken de vergissing dat liefde iets zou moeten
zijn dat iemand je komt brengen, terwijl het in
eerste instantie iets is dat je zelf moet doen.'
klik op de foto's
voor de antwoorden op onze vragen van Artur Japin, Peter
Rhewinkel, Stef Bos, Kader
Abdolah, Margriet van de Linden, Bright Richards, Jan Dirk
Veenstra,Claire Felicie, Jens van
Trigt, Jan Andreae, Thijs Heij, Antoine Bodar en Fatima
Elatik
recensie
film Howl
Het
is vast een unicum, een rechtszaak die neerkomt op
de intense bespreking van een twintig pagina's
tellend gedicht. Maar wat een schouwspel levert
het op in Howl, dat niet alleen een meeslepende
verbeelding van Allen Ginsbergs revolutionaire,
gelijknamige gedicht wil zijn, maar ook uitvoerig
stilstaat bij het proces dat in 1957 rond het werk
werd opgetrokken.
'Howl' is met zijn taalgebruik en de vele
suggestieve beschrijvingen van seks ronduit
obsceen, stelde het OM. Los van de artistieke
waarde verdient ook een weerbarstige stem als die
van Ginsberg het om in alle vrijheid gehoord te
worden, bepleitte de verdediging.
Filmmakers Rob Epstein en Jeffrey Friedman wierpen
zich met documentaires als The Celluloid Closet
(1995) en The Times of Harvey Milk (1984) op als
scherpzinnige chroniqueurs van de recente
Amerikaanse geschiedenis van de homoseksualiteit.
In Howl maken ze even dankbaar gebruik van
interviews en rechtbankverslagen als van het
gedicht zelf, en gaat het hen minstens evenzeer om
het gedicht als om Ginsbergs gevecht met zijn
homoseksualiteit.
Terwijl Eric Drookers animatie-sequenties het
gedicht zinderend visualiseren, vol apocalyptische
panorama's en surrealistische seks, bieden de
rechtbankscènes minstens zoveel spektakel; maar
dan dankzij het spel van rasacteurs als Jon Hamm
en David Strathairn, die de strafrechtelijke
exegese van het gedicht even sober als spannend
opvoeren; alsof niet een gedicht, maar een
moordverdachte in de beklaagdenbank zit.
Het beste acteerwerk levert James Franco als de
jonge, nog niet wereldberoemde Ginsberg. Afwezig
tijdens het proces, maar middelpunt van alle
aandacht wanneer hij in een rokerig café, voor
een publiek vol aanstaande Beat
Generation-beroemdheden als Jack Kerouac en Neal
Cassady, zijn gedicht voordraagt. In uiterst
authentiek aanvoelende interview-sessies vertelt
Ginsberg daarnaast over zijn niet aflatende
worsteling met zijn homoseksualiteit, die hij als
een aandoening blijft zien; en bekent hij dat hij
Howl eerst niet wou publiceren uit angst voor het
oordeel van zijn vader.
Franco excelleert op alle fronten, beschikkend
over een grandioos gevoel voor timing, dictie en
lichaamsbeweging. Wanneer Ginsberg vertelt over
zijn psychotherapeut, geloof je bijna dat Franco
die therapeut zelf heeft gekend – zo soepel
glipt hij in Ginsbergs huid.
Helemaal evenwichtig is de film niet; hij raakt
net iets te versnipperd met al die verschillende
vertel-niveaus, en de animatie-sequenties, hoe
virtuoos ze ook mogen zijn, volgen Ginsbergs
hallucinante woorden vaak veel te letterlijk. Maar
op de beste momenten grijpen alle lagen wonderwel
in elkaar, en ontstaat een volle en prikkelende
interpretatie van het gedicht. Mooi hoe dezelfde
strofen van animatie naar rechtbank worden getild,
en dan een compleet andere, frisse klank krijgen.
Je krijgt er hoe dan ook zin van om zelf aan het
lezen te slaan