Gratis kaart ontvangen

Home Stichting Mannenwerk, bestuur, medewerkers, geschiedenis Agenda 2010 met info over meerdaaagse workshops en avondsupportgroepen Nieuwsbrief, het laatste nieuws van Stichting Mannenwerk Magazine met actuele verhalen Mannenlinks, webadressen voor de man van NU! Contact met Stichting Mannenwerk   Home Search Contact Us
Archief Magazine uitgave 2002-2004 / 1 2 3 4 5Magazine digitaal NU
 


Magazine 4 / 2003

online sinds 13-01-2009


van de redactie
mannen hulpverlening
tijd vliegt
Seksualiteit, geen sex!

autonomie
Peetvader mannenkunst
Bert Ontmoet Bertie

uitslag enquete


Mailinglist

Vul hier je naam en mail / adres in en we houden je op de hoogte van de activiteiten van Stichting  mannenwerk

  

in uit

      

 

 

 

Johnny ten Thije, "Peetvader van de Mannenkunst"

 

door Vivan Mell  

Johnny ten Thije in de kelder van Galerie Faubourg (2003)

 

 

Galerie Faubourg op de Overtoom in Amsterdam heeft in haar tienjarig bestaan zowel nationaal als internationaal naam gemaakt als de specialist in mannenkunst. Een overzichtstentoonstelling van het werk van Johan van Breukelen was aanleiding om Johnny ten Theije, de drijvende kracht achter Galerie Faubourg, te interviewen. Dat Ten Theije een gedreven man is had ik zo hier en daar al vernomen. Dit kwam ook duidelijk tot uiting tijdens onze ontmoeting in zijn woonhuis in het Oostelijk Havengebied in Amsterdam. Het interview werd een gepassioneerde monoloog.

 

Johnny ten Theije; “Ik ben bijna 50 jaar geleden geboren in Enschede. Mijn jeugd heb ik echter grotendeels doorgebracht in Oldenzaal. De textielindustrie in Twente was destijds op haar hoogtepunt en één van de steunpilaren van de Nederlandse economie. Lage lonen landen waren toen nog niet uitgevonden. Mijn ouders werkten hard. Zij runden een textielbedrijf met diverse vestigingen verspreid over Nederland en Duitsland. Mijn vader hield zich vooral bezig met wat we nu innovatie zouden noemen. Hij heeft dan ook diverse uitvindingen op zijn naam staan, o.a. helanca.

 

 

Persoonlijke vrijheid en tragedie

“Ik was de oudste uit een gezin van 5 kinderen met onderling grote leeftijdsverschillen. In mijn opvoeding stonden persoonlijke vrijheid, staan voor je gevoelens en rechtvaardigheid op de voorgrond. Kunst en cultuur maakten daar als vanzelfsprekend ook deel van uit. Een tragedie daarbij was dat mijn ouders hun zeer liberale opvoeding niet waarmaakte toen ik op mijn 21e uit de kast kwam. Mijn vader smeet me toen de deur uit. Ik voelde me verraden door mijn eigen bloed. Snel daarna ben ik naar Amsterdam vertrokken. Met mijn familie is het nooit meer goed gekomen. Al meer dan 25 jaar zie en spreek ik mijn broer en zusters niet. Na zo’n lange tijd elkaar weer ontmoeten en doen alsof er helemaal niets gebeurt is, past niet bij mij. Daarvoor is er te veel gebeurd en zijn we te zeer uit elkaar gegroeid. Ik ken ze niet meer en zij mij ook niet. De leefwereld van een Amsterdamse homo en van de gemiddelde Twentenaar verschillen nogal van elkaar. Ik heb hard voor een eigen plek moeten vechten. Gelukkig had ik daarvoor voldoende basis meegekregen. Ook trouwens om uit het zwarte gat te komen waar ik in terechtkwam toen mijn partner Gerard plotseling aan een hersentumor overleed.”

 

 

Twee minuten nodig om mijn baan op te zeggen

“Ook de aids epidemie die in de tachtiger- en begin negentiger jaren alleen al in Amsterdam aan enkele duizenden mannen tussen de 25 en 50 jaar voortijdig het leven kostte, heeft me niet onberoerd gelaten en wierp me erg op me zelf terug. Twee, drie jaar achter elkaar zo’n 100 begrafenissen per jaar heeft een enorme impact op mijn leven gehad. Op een gegeven moment kwam de vraag bij me op: ‘Wat wil ik nog met mijn leven’. Dat was in ieder geval niet het voortzetten van mijn carrière bij een grote Nederlandse kredietverzekeraar. Toen me dat helder werd had ik twee minuten nodig om mijn baan op te zeggen. Ook aan andere verplichtingen die mij bonden heb ik een eind gemaakt. Ik wilde leven zoals mij dat goed dunkt en me niet meer richten naar wat ‘men’ ervan vond en van me verwachtte. Dat had ik al te lang gedaan. Ik ben gaan reizen en heb redelijk wat van de wereld gezien. Wat ik ontdekte in New York, Berlijn, Rome, Barcelona, om maar een paar 

grote s ted en te noemen, is dat ‘mannenkunst’ niet of nauwelijks te vinden was, ook in Nederland niet. Voor mannelijk naakt moest ik zo’n vijf, zes jaar geleden zoeken gelijk naar een speld in een hooiberg. Omdat ik me voor de emancipatie van de (homo)man wilde inzetten en kunstliefhebber ben hebben we Galerie Faubourg opgericht.”

 

 

Heteromannen zijn behoorlijk veranderd

“De emancipatie van de homoman of lesbische vrouw gaat pas de goede kant op als het maatschappelijk gezien niet meer relevant is of een man op een man valt en een vrouw op een vrouw en alle denkbare varianten die er mogelijk zijn. Heteromannen zijn de afgelopen jaren behoorlijk veranderd. Zij laten hoe langer hoe meer hun vrouwelijke kant en gevoeligheid zien. Vooral bij jonge mannen van pakweg 18 tot zo’n 30 jaar kun je aan hun kleding en gedrag bijna niet meer zien of zij homo of hetero zijn. De uiterlijke verschillen zijn vrijwel geheel weggevallen. Vaak kan ik alleen nog via de radar (ogen) opmerken of een jongen of een man geïnteresseerd in me is. Trouwens sommige

oudere heteromannen zijn ook aan het veranderen. Een vriend van mij, een 65 jarige man en sociaal-democratische middenstander, zoent mij publiekelijk. Dat er nog werk aan de winkel is bewijst zijn zoon, een ruime dertiger die mij altijd keurig een hand geeft.

Ik ben door de jaren heen een stuk milder geworden, ook over mijn ouders. Nu kan ik dankbaar zijn voor de opvoeding die ze mij hebben gegeven. Ik zie en ervaar nu de basis die zij hebben gelegd. Door mijn toegenomen mildheid heeft mijn inzet de afgelopen jaren een ander karakter gekregen. Ik richt mij nu op de acceptatie van mannenkunst en gebruik als middel de galerie”...

 

 

Het mannelijk schoon moet herontdekt worden

“Ik heb een hekel aan het elitaire dat veel galeries uitstralen. Daar breng je kunst niet mee aan de man. Ik wil schoonheid verkopen, de schoonheid van mannen. Die is nog steeds ondergewaardeerd, daar waar de schoonheid van vrouwen, zeker in de westerse wereld al eeuwen is geaccepteerd. Zie een grote meester uit de schilderkunst zoals Rubens die vele naakte vrouwen heeft geschilderd. De acceptatie van vrouwelijke schoonheid zie je nu vooral in reclamespots waarin zij regelmatig vrijwel naakt en ‘en face’ in beeld komen. Van mannen zie je niets meer dan een blote borst en als het heel gewaagd is een stukje bil. En dat terwijl er over de schoonheid van mannen eigenlijk niets nieuws onder de zon is. De oude Grieken en ook Da Vinci met zijn wereldberoemde David hebben dat al laten zien. Het moet nu alleen herontdekt worden.”

 

 

Onze klanten bewijzen ons gelijk

 “Wij willen Faubourg daarom zo laagdrempelig mogelijk houden. Dat is ook aan de inrichting van Faubourg te zien, die hebben we heel bewust zo gekozen. Naast de kunst bestaat deze ook uit antieke meubelen, Leerdam glas en aanverwante artikelen. Iedereen moet er zonder schroom binnen kunnen komen. Onze klanten bewijzen ons gelijk. Van directeur van een groot bedrijf tot arbeider stappen bij

ons binnen en zij komen van over de hele wereld. Faubourg voorziet wereldwijd in een behoefte. Dat klinkt misschien hoogdravend, maar het is wel de waarheid. Je denkt toch niet dat een New Yorker met een bronzen sculptuur van circa 50 kg mijn galerie uitloopt als hij niet iets vergelijkbaars in zijn woonplaats zou kunnen vinden. Om het internationale karakter van Faubourg te accentueren halen we overal ter wereld werk vandaan. Ik reis dan ook veel,niet alleen door Nederland maar ook ver daarbuiten.”

 

 

In mijn ziel geraakt

“We letten bij de werving van kunst altijd op wat het mij doet, of het werk mij op de een of andere manier aanspreekt. Als het mij raakt, op welke manier dan ook, kan het ook effect hebben bij een bezoeker van onze galerie, al kan dat op een ander vlak zijn. Voor mij is kunst pas kunst wanneer ik als kijker (voyeur) bij het kijken in mijn eigen ziel wordt geraakt. Wij doen er dan alle moeite voor om werk van die man of vrouw in voorraad te krijgen. Ik zie er geen kunst in Het werk van sommige Cobra kunstenaars doet mij niets en zal je ook nooit bij mij thuis of in Faubourg

Tien jaar geleden spraken wij over homokunst, nu over kunst

“Wij zien het als onze opdracht om het werk van zo’n 30 à 40 kunstenaars uit binnen- en buitenland bij elkaar te brengen en om te komen tot een herwaardering van het mannelijk schoon in het algemeen en in de kunst in het bijzonder. Zo spraken we 10 jaar geleden over homokunst, 5 jaar geleden over mannenkunst, en vanaf 2004 spreken we alleen nog over kunst. Het moet een niet meer weg te denken plek in onze maatschappij krijgen. Als ik overlijd wordt om die reden mijn privé collectie aan derden geschonken. Ik wil ook dat mijn werk wordt voortgezet als ik er over een tijd mee stop. Ik draag de vlam dan over aan Mark en Stephan, mijn zakelijke vrienden. Zij hebben nu al de dagelijkse leiding van Faubourg. Ik zorg alleen nog voor de werving en begeleiding van kunstenaars en draag hun nu de kennis en kunde over. In feite doet het Mannenwerk hetzelfde, kennis en kunde overdragen, maar dan op het sociaal-emotionele vlak.”

 

Vivan Mell

 

 

 

 

 

 

 

 

 


 
2010 © Stichting Mannenwerk