logosmw

 

 

 

 

 

 

 

 

                                                                                                                                door Johan van Breukelen

De betekenis van het woord spiritualiteit zocht ik op n.a.v. een vraag van Peter van der Weerd, een student aan de faculteit Religiewetenschappen aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. Hij probeerde  door middel van een onderzoek inzicht te krijgen in de aard van het mannenwerk, vanuit het perspectief van transformatie binnen religie. 

Hij vroeg mij wanneer het begrip ‘spiritualiteit’ een plek heeft gekregen binnen het mannenwerk. Ik denk dat het, zonder dat het zo benoemd werd, altijd een dimensie van ons werk is geweest.

Ik loop al vanaf 1984 mee in het mannenwerk en associeerde het woord spiritualiteit altijd met ‘geloof en kerk’. Ik had daar ervaringen mee en oordelen over. Als kind verveelde ik me meestal dood in de kerk. Ik associeerde woorden als ziel, religie, spiritualiteit met ‘dodelijk saai’.

Gaandeweg ontdekte ik dat deze woorden steeds beter pasten bij mijn persoonlijke innerlijke ervaringen; het vermogen om de verbinding met een groter geheel te voelen, het leven in en achter de vormen, de onderstroom. En dat allemaal klein en dichtbij, heel concreet, voor iedereen op elk moment toegankelijk, in het hier en nu.

Ik vind dat de kerken (als instituut) of andere (semi) religieuze bewegingen niet het alleenrecht hebben om deze woorden te gebruiken. Het begrip ‘spiritualiteit’, zoals het volgens mij oorspronkelijk bedoeld is, kwam voor mij weer helemaal tot leven binnen het mannenwerk. Ik was in staat om er opnieuw betekenis aan te geven.

Er wordt ons wel eens gevraagd van welke ‘gezindheid’ het mannenwerk is. We horen niet bij een kerk of bij een politieke overtuiging. We hebben sinds het bestaan van dit werk, en zeker vanaf het moment dat we een stichting zijn, altijd ‘de ruimte’ opgezocht. De ruimte waar alles, in wat voor vorm dan ook, naast elkaar kan bestaan.

We hebben in het mannenwerk allerlei stromingen als ingangen gebruikt om die (spirituele) ruimte te betreden. In de jaren 80 en 90 o.a. het Herwaarderings-  en het  Aanwezigheidscounselen  en later invloeden o.a. uit Past Reality Integration en ‘De Kracht van het Nu’ van Eckart Tolle.

Over welke stroming of invloed het ook ging, wij zijn er nooit dogmatisch in geweest. We hebben altijd de ruimte opgezocht, altijd meer van ‘de geest’ dan van ‘de letter’. Als mens hebben we vaak behoefte aan houvast. Maar in het leven beweegt en verandert alles, tenzij je het tegenhoudt! Het inzicht van vandaag kan de gevangenis van morgen zijn!

Het volgende fragment uit ‘Herfst’ van de dichteres Vasalis, raakt voor mij de kern van de ruimte van het mannenwerk:

‘Zo, aan de rand
Van het nog niet en niet meer zijn
En van het tomeloze leven,
Voel ik voor het eerst in zijn volledig zijn;
Een orde, waarin ruimte voor de chaos is,
En voel de vrijheid van een grote liefde,
Die plaats voor wanhoop laat en twijfel en gemis’